Verkrachting en aanranding
Het slachtoffer van de verkrachting verbleef in de instelling omdat zij psychische problemen had en niet zelfstandig kon wonen. De verdachte heeft misbruik gemaakt van de kwetsbare positie van het slachtoffer. Zij was afhankelijk van zorg en had moeite met het bewaken van grenzen. Als mede-eigenaar van de zorginstelling had de man een bijzondere verantwoordelijkheid, welke hij niet is nagekomen.
Het slachtoffer van de aanranding is door de verdachte op verschillende plekken op haar lichaam betast, terwijl zij meerdere malen had aangegeven zich daar niet prettig bij te voelen. Ook in die situatie heeft de verdachte misbruik gemaakt van zijn bovengeschikte rol. De verdachte heeft verklaard dat hij zijn handelen goed bedoelde, als een massage. De rechtbank ziet daarin een gebrek aan schuldbesef.
Gevolgen voor de slachtoffers
Uit de onderbouwing van de vorderingen van beide slachtoffers en de voorgedragen slachtofferverklaringen blijkt dat de impact bij de slachtoffers groot is. Er is sprake van seksuele trauma’s waarvoor in beide gevallen EMDR-therapie is geïndiceerd en ingezet.
Straf
Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met landelijke oriëntatiepunten voor dit soort misdrijven. Daarin wordt bij een opzetverkrachting zonder strafverzwarende omstandigheden uitgegaan van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 maanden. In dit geval is sprake van opzetverkrachting met een strafverzwarende omstandigheid. Daar komt de aanranding nog bij. Alles afwegende komt de rechtbank tot een gevangenisstraf van 36 maanden. Verder legt de rechtbank hem ten aanzien van de slachtoffers een contact- en gebiedsverbod op voor vijf jaar. Ook moet hij hen een schadevergoeding betalen. Verder wordt het verdachte acht jaar verboden om het beroep van zorgverlener of een soortgelijke functie in de gezondheidszorg of maatschappelijke zorg uit te oefenen.

17.9 ℃




































